|
Petities TEGEN de kilometer heffing (tot april 2007).
|
|
Datum: Sun 04 May 2025
Door: Theo Besteman
Amsterdam - De olieprijs op de groothandelsmarkt zakt hard. Automobilisten profiteren deze week van lagere prijzen aan de pomp. Toch blijft tanken duur in Nederland. De reden: accijnzen en btw maken samen meer dan de helft van de literprijs uit.
De prijs van Brent, de meest gebruikte soort in Europa, zakte vrijdag nog eens 1,4% tot $61,30 per vat. In een week tijd werd olie rond 8,5% goedkoper. Dat was de grootste wekelijkse daling sinds maart. De gemiddelde pompprijs voor Euro 95 (E10) staat op €2,08, diesel op €1,78.
Gerekend vanaf 1 januari is bijna een vijfde van de inkoopprijs van deze ruwe olie afgeschaafd (-18,6%). Brentolie staat hiermee in prijs bijna op het laagste niveau in vier jaar. In een jaar tijd ging er ruim $20 van de literprijs af.
De adviesprijs voor een liter Euro 95 (E10) langs de grote wegen daalde afgelopen dagen naar €2,08, volgens data van de vijf grote tankstationsketens die consumentencollectief UnitedConsumers bijhoudt. Dat is 8% minder dan vorig jaar. Een liter diesel kost nu €1,784.
De dollar zakt ook nog eens tegenover de euro, met een dubbeltje sinds het einde van 2024. "De daling van de olieprijs in dollars zorgt nu samen met de lage dollarkoers ten opzichte van de euro voor een soort dubbelslag", zegt Paul van Selms van UnitedConsumers. "Enerzijds daalt de pompprijs doordat ruwe olie goedkoper wordt, anderzijds levert de zwakkere dollar consumenten nog extra voordeel op, omdat ze die olie ook nog eens goedkoper kunnen inkopen."
Dit is de grootste wekelijkse daling sinds maart geworden: in één week tijd ging er ruim 8% van de prijs af. "Vanzelfsprekend daalt dan de olieprijs", zegt ook energie-expert Hans van Cleef (Publieke Zaken). "Er komt extra olie op de markt."
Die extra olie komt vooral van OPEC en haar bondgenoten, zoals Rusland. Deze groep, ook wel OPEC+ genoemd, besloot voor de tweede maand op rij de productie te verhogen met 411.000 vaten per dag. Samen leveren zij 40% van de wereldwijde olie, en bezitten ze meer dan 70% van de bewezen reserves.
De vraag naar olie daalt juist. "Dat komt voornamelijk door zorgen over de economische groei vanwege importheffingen in de VS, Europa en China. Maar ook de dollarkoers speelt nu een rol", aldus Van Cleef. De combinatie van meer aanbod en minder vraag drukt de prijs.
Ondertussen is er onrust binnen het kartel. Irak, Rusland en Kazachstan leveren meer olie dan afgesproken. Saoedi-Arabië verhoogt de productie om dit tegen te gaan. Dat kan tot tegenreacties leiden. "Het is een vorm van economisch hoog spel", aldus marktspecialist TD Cowen.
De consument merkt daar relatief weinig van. De oorzaak: belastingen. De benzineprijs bestaat voor 38% uit accijns en 17% btw (21% over de totaalprijs). Slechts 36% gaat naar de productiekosten, en minder dan 10% is de marge.
"Bij minder vraag naar olie en raffinageproducten zoals diesel zakt de prijs", legt Van Cleef uit. Maar dat werkt iets vertraagd door aan de pomp.
Zelfs geopolitieke spanningen, zoals nieuwe sancties tegen Iran, hebben nauwelijks nog invloed gehad op die daling. Het inzakken van de olieprijs zet voorlopig door, maar zolang de belastingdruk hoog blijft, daalt de pompprijs slechts mondjesmaat.
De lage olieprijs tikt echter ook door in de hele energierekening. Die is voor huishoudens standaard groot en een aanzienlijke kostenpost in de recente inflatiestijging geweest, die nu ook afkoelt.
Bron: Telegraaf